Antibiotica resistentie

Regelmatig krijgen wij de vraag of we medicijnen willen meegeven voor een dier zonder dat wij deze hebben onderzocht. Vaak gaat het om een zalf voor de ogen, oren of huid, mét antibioticum. Maar soms ook gewoonweg antibioticum in tabletvorm. Er zijn een aantal redenen waarom wij dit niet doen.

  • De overheid heeft duidelijk regels vastgesteld om te zorgen dat de verstrekking van diergeneesmiddelen zorgvuldig verloopt. Hierbij gaat het erom dat diergeneesmiddelen op de juiste manier worden toegediend, maar ook dat een dier niet onnodig diergeneesmiddelen toegediend krijgt. Dit alles om schade aan de gezondheid van mens (denk hierbij aan resistentie-opbouw tegen geneesmiddelen) en dier, en schade aan het milieu te voorkomen. Aan deze regelgeving moeten wij ons houden als wij ervoor willen zorgen dat u in de toekomst bij ons medicijnen kunt blijven ophalen.
  • Daarnaast kunnen er, door verstrekking van medicijnen aan een patiënt die niet is onderzocht, ernstige gezondheidsrisico’s ontstaan. Een voorbeeld hiervan is het toedienen van een oorzalf aan een hond met een kapot trommelvlies: dit kan leiden tot ernstig hersenletsel. Een ander voorbeeld is het gebruik van een verkeerde oogzalf: dit kan zelfs leiden tot verlies van het oog.

In de meeste gevallen zullen wij vóór het voorschrijven van (antibioticum-houdende) medicijnen uw huisdier lichamelijk willen onderzoeken. Dit doen wij om te kunnen bepalen of en welke medicijnen nodig zijn en om te voorkomen dat er meer schade wordt aangericht door het meegeven van ‘verkeerde’ medicatie. Wij rekenen hierbij op uw begrip.

Antibiotica

Als we ervoor kiezen om een antibioticum voor te schrijven voor uw huisdier doen wij dit na zorgvuldige afweging. Zoals u waarschijnlijk weet zijn er verschillende groepen antibiotica die op verschillende manieren kunnen worden ingedeeld, bijvoorbeeld een onderverdeling in bacterieremmend of bacteriedodend, in gevoeligheid van bacteriën, in smal– of breedspectrum: met andere woorden of ze specifiek tegen een bepaalde groep bacteriën werkzaam zijn of juist tegen een grotere groep verschillende bacteriën.

Op basis van onderzoeken en kennis over der verschillende antibiotica en bacteriën is er het Formularium Hond en Kat opgesteld door de KNMvD, waarin per aandoening, bijvoorbeeld blaasontsteking, oogontsteking, abces, etc., staat aangegeven welke bacteriën het meest worden gevonden en welke antibiotica in dit geval het beste kunnen werken. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen eerste, tweede en derde keuze antibiotica. Zoals de benaming al doet vermoeden schrijven we het liefst de eerste keuze antibiotica voor. Maar niet in alle gevallen is er een eerste keuze antibioticum aanwezig, soms kan een dier niet tegen het betreffende antibioticum, in andere gevallen zijn er problemen met het ingeven van een dergelijk antibioticum of reageert de ontsteking niet of onvoldoende op het antibioticum. In deze gevallen zal er mogelijk moeten worden gegrepen naar een tweede of derde keuze antibioticum.

Vóór het voorschrijven van een derde keuze antibioticum zijn we als dierenarts, indien mogelijk, verplicht een kweek in te zetten om te bepalen voor welk antibioticum de gevonden bacteriën gevoelig zijn. Op deze manier weten we zeker dat het voorgeschreven antibioticum ook echt zal helpen én kunnen we voorkomen dat we antibioticaresistentie in de hand werken.

Tips voor Verantwoord Antibioticumgebruik

Meer informatie over antibioticaresistentie vindt u hier.